Een fiscale eenheid aanvragen voor uw BV kan administratieve eenvoud en fiscale voordelen opleveren, maar alleen als de structuur, voorwaarden en gevolgen vooraf zorgvuldig zijn beoordeeld. Voor een holding met één of meer werkmaatschappijen is een fiscale eenheid vaak logisch. Tegelijk kan de keuze invloed hebben op aansprakelijkheid, verliesverrekening en toekomstige verkoopplannen.
De term fiscale eenheid wordt gebruikt voor de vennootschapsbelasting en de omzetbelasting. Dat zijn twee verschillende regelingen met eigen voorwaarden en gevolgen. Een goed besluit begint daarom met één praktische vraag: welk probleem wilt u oplossen binnen uw groep?
Wanneer is een fiscale eenheid voor uw BV interessant?
Bij een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting worden de moedermaatschappij en dochtermaatschappij(en) behandeld als één belastingplichtige. De resultaten van de deelnemende vennootschappen worden samengevoegd. Winst van de ene BV kan dan in beginsel worden verrekend met verlies van een andere BV binnen dezelfde fiscale eenheid.
Dat kan direct voordeel bieden wanneer een nieuwe werkmaatschappij nog verlies lijdt, terwijl een bestaande BV winst maakt. Ook onderlinge transacties, zoals rente, managementvergoedingen of de overdracht van bedrijfsmiddelen, hebben binnen de fiscale eenheid in beginsel geen direct resultaat voor de vennootschapsbelasting. Dat beperkt de administratieve verwerking en kan ongewenste fiscale effecten voorkomen.
Voor de omzetbelasting ligt het accent anders. Binnen een fiscale eenheid btw vormen de betrokken ondernemingen samen één ondernemer voor de btw. Onderlinge prestaties vallen dan buiten de heffing van btw. Dat is vooral relevant wanneer binnen de groep diensten worden verricht aan een BV die btw niet of slechts gedeeltelijk kan aftrekken, bijvoorbeeld in de zorg, het onderwijs, vastgoed of de financiële sector.
Een fiscale eenheid is dus geen standaardkeuze voor iedere holdingstructuur. Heeft iedere werkmaatschappij een eigen klantenkring, eigen risico’s en voldoende zelfstandige winstgevendheid? Dan kan afzonderlijke belastingheffing juist overzichtelijker of veiliger zijn.
Fiscale eenheid aanvragen voor uw BV: eerst de juiste regeling bepalen
De aanvraag voor de vennootschapsbelasting vraagt om een formeel verzoek aan de Belastingdienst. De moeder en dochtermaatschappij dienen dit verzoek gezamenlijk in. Daarbij moet duidelijk zijn vanaf welke datum de fiscale eenheid gewenst is en dat aan alle wettelijke voorwaarden wordt voldaan.
De belangrijkste voorwaarde is doorgaans dat de moedermaatschappij ten minste 95% van de aandelen in de dochter bezit. Dit belang moet niet alleen betrekking hebben op het economische belang, maar ook op de zeggenschap en de winst- en vermogensrechten. Daarnaast gelden voorwaarden rondom onder meer de rechtsvorm, boekjaren, fiscale positie en vestigingsplaats.
De gewenste ingangsdatum verdient extra aandacht. Een verzoek kan onder voorwaarden terugwerken, maar die terugwerkende kracht is beperkt. Wie na een herstructurering te lang wacht, kan daardoor een periode missen waarin resultaten nog niet binnen de fiscale eenheid kunnen worden verrekend. Laat de timing daarom aansluiten op de oprichtingsdatum, aandelenoverdracht, inbreng of andere wijziging in de groepsstructuur.
Bij de fiscale eenheid btw is de werkwijze wezenlijk anders. Deze ontstaat van rechtswege zodra ondernemingen financieel, organisatorisch en economisch nauw met elkaar zijn verweven. Een aparte beschikking is daarvoor niet altijd nodig. In de praktijk is het wel verstandig de situatie tijdig aan de Belastingdienst voor te leggen en de btw-administratie hierop in te richten. De feitelijke omstandigheden zijn hierbij doorslaggevend, niet alleen wat er op papier staat.
Drie vormen van verwevenheid bij btw
Financiële verwevenheid betekent dat één partij de financiële zeggenschap heeft over de andere onderneming of ondernemingen. Organisatorische verwevenheid ziet op een gezamenlijke of ondergeschikte leiding. Bij economische verwevenheid gaat het bijvoorbeeld om dezelfde klantenkring, een gezamenlijk doel of activiteiten die in belangrijke mate op elkaar zijn afgestemd.
Deze toets vraagt om maatwerk. Een holding die uitsluitend bestuurstaken uitvoert voor haar werkmaatschappij kan anders worden beoordeeld dan een holding met eigen commerciële activiteiten. Ook bij meerdere aandeelhouders, een gezamenlijke directie of externe dienstverlening kan de beoordeling genuanceerder uitpakken.
Welke gegevens en documenten zijn nodig?
Een zorgvuldig verzoek voorkomt vertraging en vragen achteraf. Voor een fiscale eenheid vennootschapsbelasting zijn in elk geval de gegevens van alle deelnemende BV’s nodig, evenals informatie over de aandelenverhoudingen, de gewenste ingangsdatum en de boekjaren. Ook is het verstandig de statuten, aandeelhoudersregisters en eventuele stukken over de aandelenoverdracht beschikbaar te houden.
Bij een fiscale eenheid btw moet u de verwevenheid kunnen onderbouwen. Denk aan een organogram, bestuursbesluiten, overeenkomsten voor management of personeel, financiële gegevens en een beschrijving van de activiteiten. De Belastingdienst kijkt naar de praktijk. Een schema met dezelfde bestuurder is op zichzelf niet altijd voldoende.
Leg ook vast welke administratieve gevolgen de keuze heeft. Wie dient de aangifte in? Hoe worden kosten en opbrengsten intern toegerekend? Welke facturen worden nog wel of niet met btw uitgereikt? Heldere afspraken zijn nodig om de fiscale behandeling te laten aansluiten op de dagelijkse bedrijfsvoering.
De voordelen zijn reëel, de risico’s ook
De aantrekkingskracht van een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting zit vaak in verliesverrekening en het neutraliseren van onderlinge transacties. Toch kan diezelfde samenvoeging nadelig zijn. Verliezen die vóór toetreding zijn ontstaan, blijven aan voorwaarden gebonden. Ook kunnen regels tegen handel in verliezen, renteaftrekbeperkingen en bepalingen bij verbreking van de fiscale eenheid invloed hebben op het uiteindelijke voordeel.
Een verkoop van een werkmaatschappij vraagt eveneens om voorbereiding. Wanneer een BV de fiscale eenheid verlaat, kunnen eerdere interne transacties alsnog fiscale gevolgen krijgen. Bijvoorbeeld wanneer bedrijfsmiddelen, vastgoed of immateriële activa binnen de groep zijn overgedragen. De gevolgen hangen af van de aard en het moment van die transacties.
Bij btw is hoofdelijke aansprakelijkheid een belangrijk aandachtspunt. De deelnemers aan een fiscale eenheid btw kunnen ieder aansprakelijk worden gesteld voor de btw-schulden van de fiscale eenheid. Dat risico moet passen bij de financiële positie en risicobereidheid van alle betrokken BV’s. Zeker als één werkmaatschappij operationeel veel risico loopt, is een voorafgaande afweging noodzakelijk.
Verder verdwijnt de btw op interne prestaties, maar dat is niet altijd alleen gunstig. De administratieve inrichting verandert en de gevolgen voor aftrek van voorbelasting kunnen per sector verschillen. Een fiscale eenheid btw verdient daarom een berekening op basis van de werkelijke geldstromen, niet alleen een beoordeling op hoofdlijnen.
Een praktische aanpak voor uw groepsstructuur
Een goede aanvraag start niet met een formulier, maar met een analyse van de groep. Breng eerst de aandeelhoudersverhoudingen, activiteiten, interne facturatie, winsten en verliezen in kaart. Beoordeel daarna afzonderlijk of een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting, de btw of beide regelingen passend is.
Werk vervolgens de ingangsdatum en benodigde onderbouwing uit. Bij een voorgenomen oprichting, overname of herstructurering is het verstandig dit vóór de juridische uitvoering te doen. Dan kunnen de fiscale gevolgen worden meegenomen in de gekozen route en hoeft u achteraf minder te herstellen.
Controleer na toekenning of vaststelling periodiek of nog steeds aan de voorwaarden wordt voldaan. Een wijziging in aandeelhouderschap, bestuur, activiteiten of financiële verhoudingen kan gevolgen hebben voor de fiscale eenheid. Ook bij groei naar het buitenland, toetreding van investeerders of verkoop van een bedrijfsonderdeel verandert de afweging vaak.
Laat de fiscale keuze aansluiten op uw plannen
Een fiscale eenheid moet uw onderneming ondersteunen, niet beperken. De beste oplossing is daarom afhankelijk van uw huidige resultaten én van wat u de komende jaren met de groep wilt bereiken. Denk aan investeringen, financiering, risicospreiding, bedrijfsopvolging of een toekomstige verkoop.
Kroess & Visser beoordeelt fiscale eenheden altijd in samenhang met uw administratie, juridische structuur en ondernemingsplannen. Met een tijdige analyse voorkomt u dat een fiscaal voordeel van vandaag later een belemmering vormt voor uw volgende stap.


