Transfer pricing documentatie voor het mkb

Uw financiën, uitstekend geregeld. Laat ons uw financiële zorgen beheren zodat u met een gerust hart kunt ondernemen. Betrouwbare experts, optimale oplossingen.

Een lening van de Nederlandse holding aan een buitenlandse werkmaatschappij, een managementvergoeding of een licentie voor software: het zijn gewone zakelijke afspraken. Maar zodra partijen binnen dezelfde groep grensoverschrijdend met elkaar handelen, kijkt de Belastingdienst naar een cruciale vraag: is de prijs zakelijk? Transfer pricing documentatie voor het mkb maakt dat antwoord aantoonbaar. Niet pas wanneer er vragen komen, maar op het moment dat de transactie wordt overeengekomen.

Voor DGA’s en managementteams is transfer pricing soms een onderwerp dat pas aandacht krijgt bij internationale groei, een herstructurering of een boekenonderzoek. Dat is begrijpelijk, maar niet verstandig. Een goede onderbouwing voorkomt dat fiscale keuzes achteraf moeten worden gereconstrueerd, terwijl betrokkenen, contracten en omstandigheden inmiddels zijn veranderd.

Wanneer is transfer pricing relevant voor uw onderneming?

Transfer pricing gaat over de verrekenprijzen tussen gelieerde ondernemingen. Van gelieerdheid is meestal sprake wanneer een partij direct of indirect invloed van betekenis heeft op de andere partij. Denk aan een Nederlandse bv met een Duitse dochtermaatschappij, twee vennootschappen onder dezelfde holding of een DGA die transacties aangaat met een buitenlandse vennootschap waarin hij een belang heeft.

De regels zien niet alleen op goederen die binnen de groep worden verkocht. Ook interne dienstverlening, financiering, garanties, huur, het gebruik van merknamen, software, knowhow en personeel kunnen onder transfer pricing vallen. Juist in het mkb zijn deze afspraken vaak praktisch gegroeid. Een directeur helpt tijdelijk een buitenlandse entiteit, de holding schiet geld voor of één vennootschap draagt alle IT-kosten. Zakelijk begrijpelijk, maar fiscaal moet duidelijk zijn wie welke functie vervult, welke risico’s draagt en welke beloning daarbij past.

De Nederlandse vennootschapsbelasting kent het uitgangspunt van zakelijke voorwaarden. Dat betekent dat gelieerde partijen moeten handelen alsof zij onafhankelijke partijen zijn. Dit wordt ook wel het arm’s-lengthbeginsel genoemd. De Belastingdienst kan een winstcorrectie toepassen als een prijs, rente of vergoeding daarvan afwijkt.

Welke transfer pricing documentatie moet het mkb bijhouden?

Iedere belastingplichtige met transacties tussen gelieerde partijen moet kunnen onderbouwen dat de gehanteerde voorwaarden zakelijk zijn. Die verplichting volgt uit artikel 8b van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969. De vorm en omvang van het dossier moeten passen bij de onderneming, de transacties en de fiscale risico’s.

Voor grotere groepen gelden daarnaast specifieke documentatieverplichtingen. Heeft de groep een geconsolideerde omzet van ten minste 50 miljoen euro, dan kunnen een local file en master file verplicht zijn. Bij een geconsolideerde groepsomzet vanaf 750 miljoen euro kan ook country-by-country reporting aan de orde zijn. Veel mkb-ondernemingen blijven onder deze grenzen, maar dat betekent nadrukkelijk niet dat documentatie overbodig is.

Voor een kleinere groep hoeft het dossier niet dezelfde omvang te hebben als bij een multinational. Wel moet de onderbouwing overtuigend zijn. In de praktijk bevat een passend transfer pricing-dossier ten minste een beschrijving van de groep en de betrokken vennootschappen, de zakelijke aanleiding van de transactie, de afspraken tussen partijen en de gekozen prijs of rente.

Ook een functionele analyse is essentieel. Daarin legt u vast welke activiteiten iedere partij uitvoert, welke bedrijfsmiddelen zij gebruikt en welke risico’s zij loopt. Een werkmaatschappij die zelf klanten werft, personeel aanstuurt, voorraden beheert en debiteurenrisico draagt, mag doorgaans een andere beloning ontvangen dan een vennootschap die uitsluitend ondersteunende werkzaamheden uitvoert.

Van afspraak naar aantoonbare zakelijke prijs

Een contract alleen is niet voldoende. Het contract beschrijft wat partijen hebben afgesproken, maar het bewijst niet automatisch dat de vergoeding zakelijk is. De feitelijke uitvoering moet aansluiten bij de juridische afspraken. Als de holding jaarlijks managementkosten factureert, moet zij ook daadwerkelijk werkzaamheden verrichten die voor de werkmaatschappij waarde hebben.

De juiste methode hangt af van de transactie. Bij een lening is een renteanalyse vaak nodig. Daarbij spelen onder meer de looptijd, valuta, zekerheden, aflossingsschema, kredietwaardigheid en voorwaarden bij onafhankelijke financiers een rol. Een rentepercentage dat enkele jaren geleden verdedigbaar was, kan door veranderde marktrentes inmiddels niet meer passend zijn.

Bij interne diensten is de kernvraag welke kosten worden doorbelast, aan welke entiteit en met welke opslag. Een eenvoudige administratieve dienst kan soms tegen kostprijs of met een beperkte opslag worden doorberekend. Voor specialistische adviesdiensten, commerciële ondersteuning of het gebruik van waardevolle intellectuele eigendom ligt dat anders. De dienst moet bovendien aantoonbaar voordeel opleveren voor de ontvangende vennootschap. Kosten voor aandeelhoudersactiviteiten zijn niet zonder meer door te belasten.

Bij handelsactiviteiten wordt vaak gekeken naar vergelijkbare transacties met onafhankelijke partijen. Zijn die niet beschikbaar, dan kan een analyse van marges uitkomst bieden. Een benchmark kan hierbij behulpzaam zijn, zeker wanneer de bedragen materieel zijn of de structuur complexer wordt. De gekozen methode moet niet alleen theoretisch juist zijn, maar ook uitvoerbaar blijven binnen de administratie van uw onderneming.

Vier situaties die extra aandacht vragen

Niet iedere intercompany-transactie vraagt om een uitgebreid onderzoek. Er zijn wel situaties waarin het verstandig is om vooraf uitgebreider te documenteren:

  • een nieuwe buitenlandse dochtermaatschappij of vaste inrichting;
  • een lening, cashpool, garantie of andere groepsfinanciering;
  • een management fee of kostenallocatie tussen groepsmaatschappijen;
  • de overdracht of het gebruik van software, merken, klantenbestanden of andere immateriële activa.

Ook bij een fusie, bedrijfsopvolging, verkoop van een onderdeel of wijziging van de ondernemingsstructuur neemt het belang toe. Dan kunnen zakelijke voorwaarden directe gevolgen hebben voor de belastbare winst, de waardering van activa en de verdeling van toekomstige opbrengsten.

Veelgemaakte fouten in de praktijk

De meest voorkomende fout is dat de administratie wel boekingen bevat, maar geen verhaal achter die boekingen. Een post ‘management fee’ op de grootboekrekening zegt niets over de geleverde diensten, de kostengrondslag of de gehanteerde opslag. Zonder specificaties, urenregistraties, facturen en besluitvorming wordt verdedigen lastig.

Een tweede fout is het jaarlijks kopiëren van oude percentages. Een rente, opslag of marge is geen permanent gegeven. Groei, gewijzigde risicoverdeling, nieuwe markten, andere financieringsvoorwaarden of een veranderde rol van een groepsmaatschappij kunnen aanleiding zijn om de uitgangspunten te herzien.

Verder wordt de documentatie regelmatig pas opgesteld wanneer de Belastingdienst informatie opvraagt. Dat brengt twee risico’s mee. Ten eerste ontbreekt dan vaak de informatie om de oorspronkelijke zakelijke afweging goed te reconstrueren. Ten tweede wekt achteraf opgestelde documentatie minder vertrouwen wanneer deze niet aansluit op contracten, facturen en de feitelijke uitvoering.

Tot slot verdient de samenhang met andere fiscale onderwerpen aandacht. Een vergoeding kan voor transfer pricing zakelijk zijn, maar bijvoorbeeld gevolgen hebben voor btw, bronbelasting, renteaftrekbeperkingen of de waardering bij een reorganisatie. Losse oplossingen per belastingmiddel leveren niet altijd een consistent geheel op.

Zo richt u uw dossier praktisch in

Begin met een overzicht van alle grensoverschrijdende transacties met gelieerde partijen. Benoem per transactie de betrokken entiteiten, bedragen, contracten en boekingswijze. Breng vervolgens in kaart waarom de transactie plaatsvindt en welke partij de belangrijkste functies, activa en risico’s heeft.

Leg de zakelijke prijsbepaling vast op een niveau dat past bij het risico. Een beperkte, terugkerende dienst met een geringe waarde vraagt een andere onderbouwing dan een omvangrijke lening of een licentie op kernsoftware. Zorg dat contracten, facturatie, administratie en de feitelijke werkwijze op elkaar aansluiten. Die consistentie is vaak overtuigender dan een omvangrijk rapport dat niet overeenkomt met de praktijk.

Plan daarnaast een jaarlijkse toetsing, bijvoorbeeld tegelijk met de jaarrekening en aangifte vennootschapsbelasting. Controleer of bedragen, diensten, marges en rollen nog kloppen. Bij belangrijke wijzigingen is het beter om vooraf advies in te winnen dan achteraf een correctie te moeten verklaren.

Voor ondernemers is het doel niet om een dossier voor de dossierkast te maken. Het gaat om grip op internationale geldstromen, zekerheid over fiscale posities en afspraken die ook bij groei overeind blijven. Kroess & Visser helpt u om de fiscale analyse, contracten en financiële verwerking op elkaar af te stemmen, zodat u met rust kunt ondernemen wanneer uw organisatie de grens overgaat.

Gerelateerd